Sonett-Forum

Normale Version: Het Slotplein
Du siehst gerade eine vereinfachte Darstellung unserer Inhalte. Normale Ansicht mit richtiger Formatierung.
.

Wij gingen 't zon-begloeide slotplein binnen,

Waar eenzaam bloeide blanke accacia,

En sloegen, zwijgend, met verrukte zinnen,

Dit bouwwerk van vervolgen eeuwen ga:



‘O Tijd,’ zoo dacht ik, ‘hoe moet elk U minnen,

Die liet den Tijd zoo hecht een schoonheid na,

Dat zij nog thans, wat wankle of nieuw ontsta,

Ten hemel beuren blijft de trotsche tinnen.



Wees gij dit broze mensch dat voor u buigt

Voorbeeld van Hoogheid om in lager tijden

Te bouwen 't machtig levensmonument,

Waardoor, als gij, zijn ziel van kracht getuigt,

En schoonheid, die hem voor het leven wijdde,

Wordt door het verre nageslacht gekend!’